|
Spiral Dynamics biedt inzicht in drijfveren van mensen
Spiral Dynamics is een model voor de analyse van waardenpatronen. Met behulp van dit model ontstaat een beter inzicht in de oorzaken van gedrag en denkwijzen. Kennisname daarvan draagt bij aan effectiever beleid. AYIT Consultancy laat u graag met dit model kennismaken en past het toe bij het ontwerp van beleid, bij de analyse van organisatieculturen, bij organisatie-onderzoek en bij coaching.
Lees hieronder meer over de toepassing in de beleidscontext van verkeer en vervoer (als voorbeeld).
Het Spiral Dynamics-model wordt door ons regelmatig toegepast bij het adviseren van overheidsinstanties rondom vraagstukken op het gebied van verkeer en vervoer. De onderstaande tekst is op de context van verkeersbeleid toegesneden. Het model laat zich echter even gemakkelijk op andere terreinen toepassen. Een veel gebruikte toepassing is cultuuranalyse van organisaties.
In het Spiral Dynamicsmodel onderscheiden we zes waardenoriëntaties waarmee mensen gedrag beoordelen. Drie daarvan benadrukken het individuele belang en drie het collectieve belang. De drie individuele waardenoriëntaties noemen we ‘Rood’ (streven naar macht), ‘Oranje’ (streven naar winst) en ‘Geel’ (streven naar identiteit), de drie collectieve ‘Blauw’ (streven naar waarheid), ‘Groen’ (streven naar welzijn) en ‘Turquoise’ (streven naar wereldsynergie). De termen tussen haakjes geven aan welk resultaat nagestreefd wordt. Elk van deze waardenoriëntaties hangt samen met een specifieke manier van kijken naar de ‘wereld om ons heen’.
In schema:
- Rood ziet de wereld als een jungle vol gevaar en streeft naar macht en vrijheid
- Blauw ziet de wereld als geleid door hogere macht en streeft naar waarheid en ordening
- Oranje ziet de wereld als vol kansen en streeft naar winst en succes
- Groen ziet de wereld als een gemeenschap van mensen en streeft naar welzijn voor iedereen
- Geel ziet de wereld als een samenhangend systeem en streeft naar identiteit
- Turquoise ziet de wereld als een wereldorde en streeft naar synergie.
Concrete personen hebben een voorkeur voor één van de genoemde waardenoriëntaties, maar kunnen onder bepaalde omstandigheden ook overschakelen naar andere. Als bestuurder van een auto gedragen mensen zich vaak anders dan wanneer ze thuis zijn. Langs de lijn bij het voetbalveld wordt ons rode waardenpatroon extra geprikkeld.
De verschillende waardenoriëntaties komen hieronder aan de orde in volgorde van complexiteit, waarbij individueel en collectief getinte elkaar afwisselen. De in de Nederlandse situatie meest voorkomende waardenoriëntaties zijn de eerste vier. De laatste twee zijn in opkomst. Ter illustratie zijn telkens voorbeelden van verkeersgedrag en uit de sport vermeld, die typerend zijn voor de specifieke waardenoriëntatie.
Rood De (individueel georiënteerde) ‘rode’ oriëntatie houdt in dat iemand met name gericht is op het behouden of creëren van macht en handelingsvrijheid. De invoering van een bepaalde maatregel wordt gezien als een bedreigende inbreuk op het eigen leefpatroon, waar men niets tegen kan doen. Gevoelens van machteloosheid, onvrijheid en slachtofferschap gaan hiermee gepaard. De overheid wordt als ‘Big Brother’ gezien, die ‘toch maar doet wat ze zelf willen’. Vanuit deze positie gezien zullen maatregelen meer verzet oproepen naar mate ze ingrijpender zijn.
Bij een afweging van gedragsalternatieven geeft deze groep mensen de eerste voorkeur aan het ontduiken of vermijden van de maatregel, zodat het bestaande gedrag voortgezet kan worden (‘mij krijgen ze niet’). Als dat niet lukt, is mogelijk dat men zich schikt in het onvermijdelijke (passief slachtofferschap), maar ook dat aansluiting wordt gezocht bij een of andere vorm van collectief verzet (actief slachtofferschap).
In het dagelijkse verkeer is de machtsoriëntatie o.a. herkenbaar bij het ongegeneerd fors overschrijden van maximumsnelheden, het snijden bij inhalen, het uitschelden van anderen, het bumper kleven en het gas geven als de auto bij een stoplicht stil staat. ‘Rode’ sportbeoefening is gericht op het verslaan van de tegenstander.
Blauw De (op het collectief georiënteerde) ‘blauwe’ waardenoriëntatie toetst de invoering van een overheidsmaatregel aan opvattingen over redelijkheid, billijkheid en rechtvaardigheid. Mensen met deze waardenoriëntatie geloven dat er maar één ‘ware’ weg is en hebben behoefte aan een geordende wereld, waarin regels houvast, zekerheid en vertrouwen bieden. Ze zijn gevoelig voor logica, autoriteit en gezag. Ze zijn in principe bereid (binnen redelijke grenzen) de wensen van de overheid te volgen, zelfs als dat voor hun persoonlijk nadelig is.
Het is met name deze categorie die dubbel getroffen worden als overheidsbeleid niet als logisch en consistent ervaren kan worden. Desalniettemin zal men bereid zijn het door de overheid gewenste gedrag te kiezen, maar van harte gaat het niet.
In het dagelijks verkeer leidt deze waardenoriëntatie tot een (soms rigide) voorkeur voor het volgen van de regels. Rood is rood en 120 is 120. Tevens hecht men er veel waarde aan dat overtreders door de politie gestraft worden. ‘Blauwe’ sportbeoefening betekent je houden aan de regels en de gewoonte van ‘fair play’.
Oranje De (individueel gerichte) ‘oranje’ oriëntatie betekent dat gedragsalternatieven getoetst worden aan de meest optimale verhouding tussen kosten en baten voor de eigen situatie. De primaire vraag van de oranje, calculerende consument is: ‘Wat krijg ik er voor terug?’ Men is bereid iets in te leveren, mits daar iets anders tegenover staat. Van belang hierbij is dat de opbrengst voor de consument waarneembaar is en bovendien het directe gevolg is van de maatregel. Problemen worden primair op individueel niveau gedefinieerd: niet de file is een probleem, maar het feit dat hij (of zij) er niet langs kan. Het voortdurend zoeken naar eigen voordeel tekent het gedrag.
In het dagelijks verkeer is deze waardenoriëntatie o.a. te herkennen bij rechts passeren, steeds wisselen van rijstrook bij files, sluipwegen zoeken, e.d. ‘Oranje’ sportbeoefening is gericht op het leveren van prestaties en het verbeteren van (persoonlijke) records.
Groen De (collectief gerichte) ‘groene’ waardenoriëntatie betekent dat de gedragsalternatieven getoetst worden aan de gevolgen voor de sociale verhoudingen tussen mensen. Een persoonlijk offer wordt daarbij geaccepteerd. Belangrijk is een gelijke behandeling van iedereen: ‘als het dan toch moet, dan voor iedereen gelijk’. Een overheidsmaatregel mag -door deze bril gezien niet leiden tot voordeel voor anderen die tot dezelfde sociale groep behoren. Voor een bestuurder van een personenauto betekent dat dat álle personenauto’s gelijk behandeld moeten worden, voor een vrachtautochauffeur dat het geldt voor álle vrachtwagens. Wanneer een maatregel wel selecteert, ontstaan gevoelens van ‘zij wel / wij niet’ met alle gevaren voor het ontstaan van verzet tegen de maatregel.
In het dagelijks verkeer is deze waardenoriëntatie herkenbaar bij mobilisten die anderen voor laten gaan, bij het elkaar helpen met inhalen (vrachtwagens) en het groeten van soortgenoten (motorrijders). Bij ‘groene’ sportbeoefening staat de sfeer en de teamgeest voorop. Samen bezig zijn is belangrijker dan winnen.
Geel De (individueel gerichte) ‘gele’ waardenoriëntatie is gericht op ontplooiing van de eigen identiteit. Autorijden is minder dan bij de voorgaande oriëntatie een doel op zichzelf en meer één van de mogelijkheden om ergens te komen. Voor deze groep telt vooral de systeemkwaliteit van een overheidsmaatregel. Maatregelen moeten op elkaar afgestemd zijn en mogen op het ene vlak beperkend zijn, als er dan maar tevens nieuwe mogelijkheden (tot vervoer) elders gerealiseerd worden. Mensen met deze waardenoriëntatie zijn flexibel in de keuze van hun vervoermiddel, combineren autorijden met OV-gebruik. Ze hechten sterk aan keuzemogelijkheden en willen graag zelf bepalen wat de beste oplossing is.
In het dagelijks verkeer kenmerkt deze waardenoriëntatie zich door anticiperend rijgedrag, regelmatig gebruik van P+R-terreinen en het afwisselen van fiets, auto en OV als vervoerwijze. Bij ‘gele’ sportbeoefening gaat het om een ‘goed draaiend’ team, waarbij iedereen ‘lekker in z’n vel zit’.
Turquoise De laatste, ‘turquoise’ waardenoriëntatie is opnieuw collectief en is gericht op verantwoordelijkheid voor de toestand van de wereld als één geheel (globaal bewustzijn). Overheidsmaatregelen die duurzaamheid ten goede komen worden verwelkomd. Meestal vind men echter de geplande maatregelen niet ver genoeg gaan en zoekt men een gedragsalternatief buiten het door de overheid aangeboden spectrum.
In het verkeer vertaalt deze waardenoriëntatie zich door het afzien van autogebruik, het delen van autobezit of het gebruik van milieuvriendelijke auto’s. Bij sportbeoefening herkennen we deze waardenoriëntatie in de olympische gedachte en in de vorm van een afkeer van milieuonvriendelijke sportactiviteiten, zoals auto- en motorraces.
Er zijn op dit moment nog vrijwel geen onderzoekgegevens bekend over de verdeling van de verschillende waardenoriëntaties over de doelgroepen van mobiliteitsbeleid. Zoals reeds eerder opgemerkt is het ook niet zo dat concrete personen uitsluitend één van de genoemde waardenoriëntaties hanteren. In de context van de sport worden (gelukkig) andere accenten gelegd dan in het verkeer. Onder bepaalde omstandigheden is iedereen bereid ‘logisch’ te denken, terwijl in andere omstandigheden massaal het slachtoffergevoel boven komt drijven. In grote lijnen geldt echter wel dat:
- de rode machtsoriëntatie (in Nederland) meestal latent blijft zolang mensen (in hun eigen ogen) enige keuzevrijheid behouden en zich niet al te zeer bedreigd voelen
- de overheid (in Nederland) nog steeds voldoende gezag en legitimiteit bezit, waardoor grote groepen mensen gevoelig zijn voor ‘logische’ argumenten van de overheid (blauw) en bereid zijn (binnen redelijke grenzen) de wensen van de overheid te volgen
- het (oranje) denken in termen van ‘individuele winst’ de afgelopen jaren sterk toegenomen is
- sociale gelijkheid met name in het politieke debat (en dus in het circuit van ‘opinion leaders’) een veel gebruikt (groen) criterium is om beleid op te beoordelen, terwijl het in het verkeersgedrag veel minder tot uiting komt
- bepaalde onderzoeksmethoden (zoals enquêtes en interviews) beter in staat zijn de ‘groene’ en ‘blauwe’ waardenoriëntaties op te sporen dan de andere, waardoor hun bruikbaarheid voor onderzoek naar (verwacht) verkeersgedrag per definitie beperkt is.
Om overheidsbeleid op het terrein van verkeer en vervoer zo effectief mogelijk te laten zijn, is het raadzaam de kwaliteit van de maatregel van tevoren te toetsen aan de hiervoor onderscheiden waardenoriëntaties en op grond daarvan bepaalde aspecten te versterken, zodat er voor zoveel mogelijk mensen iets (in hun ogen) positiefs te onderscheiden valt.
Heel kort geformuleerd zijn belangrijke regels bij beleidsontwikkeling:
- zorg dat vermijden en ontduiken niet mogelijk is (demp rood)
- volg een zorgvuldige voorbereidingsprocedure en leg de redelijkheid, billijkheid en rechtvaardigheid steeds opnieuw uit (stimuleer blauw)
- laat zien welke individuele kosten en baten er in het spel zijn (stimuleer oranje)
- benadruk (waar zinvol) het belang van solidariteit (stimuleer groen)
- stem maatregelen goed op elkaar af en zorg dat die afstemming merkbaar is en niet alleen verbaal genoemd wordt (stimuleer geel)
- plaats de maatregel (indien mogelijk) in het perspectief van een duurzame ontwikkeling (stimuleer turquoise)
- vaar niet blind op wat mensen in enquêtes zeggen te zullen gaan doen.
Meer informatie over Spiral Dynamics is o.a. te vinden op www.spiraldynamics.com. Een specifiek voor management en organisatie ontwikkelde variant is te vinden op www.managementdrives.com.
|